Hoe werkt de gemeente? (deel 2)


Op de vorige pagina hebben we verteld over de verschillende rollen in de gemeente. Daarbij is aangegeven dat de raad de kaders stelt, binnen de kaders gaat het college aan de slag met de uitvoering. Vervolgens controleert de raad de uitvoering door het college. Op dit proces gaan we hieronder nader in.

College heeft kennisvoorsprong
De verhouding tussen raad en college is lastig. De raad stelt de kaders. De raadsleden die hier verantwoordelijk voor zijn, geven invulling aan hun raadslidmaatschap naast hun veelal reguliere baan. Dit terwijl collegeleden dagelijks met de inhoudelijke materie bezig zijn. Hierdoor heeft het college een grote kennisvoorsprong op de raadsleden. Hoe geeft je dan invulling aan je verantwoordelijkheden als raadslid?

Controle door de gemeenteraad
De kaders worden door de raad gesteld vaak op voorzet van het college. Het college doet een voorstel aan het college op welke wijze invulling kan worden gegeven aan de kaders. Raadsleden verdiepen zich in de materie door het lezen van stukken en het bezoeken van burgers, bedrijven en maatschappelijke instanties. Maar juist door de eerder genoemde kennisvoorsprong van het college is het nog belangrijker dat het college scherpe vragen stelt om duidelijkheid te krijgen.

Motie van wantrouwen
Het politieke systeem in Nederland is gebaseerd op vertrouwen. Er is vertrouwen in een wethouder (dit geldt ook voor een minister), totdat het tegendeel is bewezen. Indien dit vertrouwen niet meer aanwezig is, dan wordt dit door een partij uitgesproken door het indienen van een motie van wantrouwen. Indien de meerderheid van een gemeenteraad deze motie steunt, kan de betreffende wethouder niks anders doen dan terugtreden als wethouder.

Countervailing power (tegenkracht)
Maar ook al geniet de wethouder nog het volste vertrouwen, het politieke systeem is gebaseerd op elkaar in balans houdende krachten. Als er geen controle is op het college, dan hebben ze de vrije hand om te doen wat ze willen. Het is bekend dat machtsposities zonder controle kunnen leiden tot dictatoriaal gedrag. Dit betekent dat – ook al is er vertrouwen in het college – de uitvoering door en de gedragingen van het college kritisch moeten worden bezien.

Oppositie heeft het makkelijk
Voor een oppositie partij (OPA, CDA, CU/SGP en NOVA) is het gemakkelijk om invulling te geven aan deze countervailing power, zeg maar: een luis in de pels zijn van het college. Om dit te doen stelt de oppositie kritische vragen of stelt alternatieve voorstellen voor.

Coalitie heeft het moeilijker
Voor raadsleden die lid zijn van de coalitiepartijen (VVD, EVA, PvdA en NAP) is het lastiger. Ook zij behoren kritisch te zijn op de uitvoering van het beleid door het college. Echter, omdat het partijgenoten zijn, vraagt dit meer behendigheid. Al te veel kritiek op het ‘eigen’ college, wordt ook gebruikt als munitie door de oppositie.

Raadsvoorstel
Zoals eerder aangegeven doet het college voorstellen aan de raad. De agendacommissie bespreekt met elkaar wanneer welke stukken worden besproken. Dit is technische bespreking. De inhoud van de stukken wordt hier niet besproken. Vervolgens worden deze stukken inhoudelijk besproken in een commissievergadering. In Albrandswaard kennen we de commissievergaderingen: Beraad & Advies Welzijn en Beraad & Advies Ruimte.

Beraad & Advies
In de Beraad & Advies vergaderingen worden technische vragen gesteld om verduidelijking te krijgen over het onderwerp. Ook kunnen burgers inspreken. Hetgeen door burgers ter sprake wordt gebracht, wordt betrokken bij de verdere bespreking door de raadsleden. In een Beraad & Advies vergadering tasten raadsleden ook af hoe andere partijen in een bepaald onderwerp staan en om te kijken of je medestanders kan vinden als je een bepaald voorstel wil doen.

Hamerstuk of bespreekstuk
Aan het eind van de Beraad & Advies vergadering wordt bepaald of een voorstel aan de raad rijp is voor behandeling in de raad. Ook wordt dan bepaald of het een hamerstuk is of een bespreekstuk. Als een voorstel aan de raad duidelijk is en elke fractie is het met het voorstel eens, behoeft het geen nadere bespreking in de raadsvergadering. Dan wordt dit voorstel in de raad ‘afgehamerd’.

Raadsvergadering
In de raadsvergaderingen worden de officiƫle besluiten genomen. Bij een raadsvoorstel krijgen de raadleden nog even de tijd om vragen te stellen. Vervolgens is er een debat in twee ronden; termijnen genoemd. Elke fractie geeft aan wat zij van het voorstel vinden. In de eerste ronde wordt ook vaak aangegeven of er een voorstel tot wijzigingen komt (amendement). Vervolgens is er een tweede ronde. In deze tweede ronde gaat men in op elkaars standpunten en op eventuele amendementen van ander partijen. Na twee ronden debat, wordt het besluit genomen. De voorzitter vraagt alle leden van de raad of zij voor of tegen stemmen. Je mag je niet onthouden van stemmen (tenzij je persoonlijk betrokken bent).